— Hou je mond en waag het niet om hier in mijn appartement bevelen uit te delen! Ik ben niet van plan je te vragen hoe en wat voor renovatie ik hier moet doen!

 

— Er komt helemaal geen auto. Anton liegt tegen je. Prettige dag verder.

Ze beëindigde het gesprek zonder op antwoord te wachten. Daarna legde ze met hetzelfde ijskoude kalmte zijn telefoon op de salontafel, naast het monster van “Arctische Eik”. De lucht in de kamer werd dikker, stroperig als hars. Hij drukte niet, maar omsloot, beroofde je van een normale ademhaling.

Anton keek naar haar, en op zijn gezicht was geen spoor meer van woede of zelfgenoegzaamheid. Er was iets nieuws. Iets duisters, oerouds. Het was het gezicht van iemand die niet zomaar verslagen was, maar publiekelijk, nadrukkelijk vernietigd.

De stilte na het telefoontje was erger dan welke schreeuw ook. Ze was dicht, tastbaar, vulde de hele ruimte en verdreef de lucht. Anton stond als door de bliksem getroffen, starend naar zijn telefoon op de tafel.

Het leek alsof hij niet ademde. Zijn gezicht, eerder nog bleek, begon langzaam donkerrood te kleuren. Een spier in zijn kaak trok nerveus. Hij keek naar Lida, en in zijn ogen was geen gekrenkt ego meer, geen verlangen om te domineren. Daar zwom pure, gedestilleerde haat.

Toen hij sprak, was zijn stem onherkenbaar. Laag, verstikt, alsof hij zich door een laag vuil heen wrong.

— Jij… wat heb jij gedaan? Je hebt me voor Vadik te schande gemaakt. Mij!

Hij deed een stap naar haar toe, en Lida week niet terug. Ze keek hem alleen maar aan, en haar kalmte, haar absolute ondoordringbaarheid leek hem nog meer te razen dan haar daad zelf. Hij stopte op een meter afstand, zijn hele lichaam trilde.

— Denk je dat je gewonnen hebt, hè? Denk je dat je hier de baas bent omdat dit jouw hok is? — hij liet zijn waanzinnige blik door de kamer glijden. — Ik veracht dit allemaal! Jouw goedkope dromen! Jouw planken, jouw behang, jouw verdomde gezelligheid! Ik heb drie jaar in deze varkensstal gewoond, jouw kooklucht opgesnoven en gedaan alsof het me niet stoorde! Gedaan alsof jij een vrouw was en niet een rekenmachine met ambities!

Hij was de controle kwijt. Alle zekeringen waren doorgeslagen. Wat hij kennelijk jaren had opgekropt, gutste naar buiten — een vuile, troebele stroom minachting.

För fullständiga tillagningssteg, gå till nästa sida eller klicka på Öppna-knappen (>), och glöm inte att DELA med dina Facebook-vänner.